‘TOT DE DIEPSTE PLAATS VAN MIJN HART’

‘Mijn vader zei altijd dat het leven en de wereld mooier worden door de gevoelige mensen, door dichters, schilders, maar er zijn bijna geen gevoelige mensen voor wie de wereld een mooie en makkelijke plek is.’ Een kringloopwinkel vol dromen, waar ik als lezer wordt meegesleurd in de lieflijke debuutroman van Sholeh Rezazadeh. Het verhaal gaat over Arghavan, een vrouw die nog niet lang in Nederland woont. Haar wortels liggen in Iran, waar ze regelmatig met weemoed aan denkt.

‘Waarom heb ik niet gezegd hoe vervelend ik het vind om die mensen en hun oneindige haast altijd maar te begrijpen? Wat willen ze bereiken door zoveel op hun horloge te kijken?’ De gedachten van Arghavan doortrekken het hele verhaal, als de rode draad die de hoofdpersoon dichtbij doet komen. Ze bekijkt de wereld om haar heen en wanneer ze mijmert, snijdt ze grote thema’s aan die mij niet onbewogen laten. Als ze naar huis loopt, bekijkt ze de mensen in de stad. ‘Van een afstand leek het alsof deze mensen onafhankelijk waren, en vrij. (…) Het was alsof eenzaamheid een veilig, vertrouwd kleed was dat ze elke dag droegen.’

“Je hebt een mooie wereld, Arghavan.’ zegt hij met een zachte stem.” Op een dag komt Mees voorbij. Hij blijft in haar gedachten steken; Arghavan wordt verliefd op de muzikant. ‘Elke keer dat ik Mees aanraak, stroomt er een warmte van de top van mijn vingers tot de diepste plaats van mijn hart.’ Haar diepe gedachten brengt ze onder woorden bij Mees. Als hij haar eens vraagt hoe ze zich voelt, antwoordt ze: “Werken doet alles tijdelijk vergeten. Misschien is dat waarom iedereen zo hard werkt.” In sierlijke zinnen geeft Rezazadeh de lezer lessen mee die blijven huppelen in je hoofd.

Naast Mees komen er nog twee speciale klanten in de winkel van Arghavan. Ten eerste Anna; een dove, excentrieke danseres die naar de jurken spurt als ze binnenkomt. Haar vrolijkheid maakt dat de letters dansen. Johan is een oude man, die het geluid van bomen opneemt. Liefdevolle nieuwsgierigheid en een bepaalde kwetsbaarheid maakt dat Anna en Johan dichtbij de leefwereld van Arghavan komen. Bij Johan kan Arghavan terecht voor een luisterend oor en een wijze les. Zo besluit ze hem op te zoeken na een teleurstellend bezoek van haar jeugdvriendin. Wanneer ze zich afvraagt waarom de dingen niet blijven zoals ze waren, antwoordt Johan:  ‘’(…) Ben je nog dezelfde persoon als die van een paar jaar of zelfs maanden geleden? ‘Nee.’ ‘Kijk maar naar de wolken, ze veranderen voortdurend.”    

‘Als ik verdwaal, dan verdwaalt ook mijn pijn.’ Een thema dat de revue nog weleens passeert, is verdoving. Verdoving van pijn, die letterlijk terugkomt wanneer de vader van Arghavan verslaafd is aan opium. De opium die hem meer en meer verwoest. Woorden kunnen soms niet duiden hoe intens de hoofdpersoon de wereld beleeft. ‘Prachtig’ is niet genoeg. Woorden kunnen voor mij niet de schoonheid van deze plek, waarin boom, aarde en lucht samengaan, vasthouden.’ Naast de woorden klinkt er ook nog een lied in het verhaal, dat de naam van de hoofdpersoon draagt: Arghavan. Toen ik eens mijmerde over het verhaal, zette ik het lied aan. De klanken waren een cadeautje.

Ik kan je nog meer delen uit het boek, maar dan zal ik onthullen wat je zelf mag ontdekken. Neem hier een kijkje voor meer informatie over De hemel is altijd paars.

TEKST Hanna Kater // BEELD Authenicstoriesphotography // styling-Beautifulstories

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *