ZIE DE MENS

‘’Is er ooit iemand van het personeel voor onbeperkte tijd en met de deur op slot in dit hok gaan zitten, zonder bril, wc en met een scheurkleed aan, om te kijken hoe dit voelt?’ schreeuw ik uit.’ Barbaars en Middeleeuws, dat is hoe Imke Gilsing de isoleercel beschrijft waarin ze verbleef tijdens haar psychose.

‘Psychose is een synoniem voor schaamte in onze maatschappij. (…) Terwijl je gewoon een tijdje ziek bent. Net als mensen die kanker hebben gehad of een auto-ongeluk. Van hen verwacht niemand dat zij zich schamen voor hun ziek-zijn.’ Als ik de voorkant van het boek bekijk dat Imke Gilsing schreef, staat er als ondertitel Het krankzinnige verhaal van mijn psychose. Op een heel persoonlijke manier deelt Imke haar levensverhaal, waarin de periode van haar psychose duidelijk naar voren komt. Ze hoort stemmen in haar hoofd, krijgt waanbeelden en de realiteit verandert. Voor Imke een psychose kreeg, had ze geen idee wat het inhield. Op 34-jarige leeftijd werd ze vier lange weken geteisterd door de psychose, waarvan tien dagen in een isoleercel.

Ze schaamt zich niet voor haar psychose, maar wel voor de manier waarop ze is behandeld. ‘Net zoals je doet met een aangekoekte pan met etensresten; die zet je ook niet smerig in de kast. Nee, je doet er warm water in, gooit er wat zeepsop bij en roeren maar. Eerst wordt het een nóg viezere bende en denk je dat het nooit meer goed komt, maar met wat geduld en hulp van een schuursponsje lost alle viezigheid op, is de pan weer schoon en het klusje klaar.’ Volgens Imke was geen enkele verpleegkundige of psychiater op de hoogte van deze ‘logica’. Ze voelde zich opgesloten en niet gezien. De aandacht voor isoleercellen is niet onbekend. In het Dolhuys Manifest (2016) bijvoorbeeld beloofden veertien instellingen de separeercel af te schaffen. Insluiting in een separeerverblijf is voor patiënten traumatiserend en maakt over het algemeen de angst en wanhoop groter, zo schrijft de Nederlandse GGZ. Toch blijkt het opheffen van de separeer niet mogelijk volgens de instellingen. Personeelstekort en een veranderende patiëntengroep maakt dat andere patiënten niet beschermd kunnen worden zonder de inzet van separatiekamers. Volgens Yolande Voskes is elke separatie er één teveel. De psychiatrisch verpleegkundige promoveerde in 2015 op alternatieven voor de ‘separeer’ in de gezondheidszorg. Ze stelt: ‘Ongeveer het slechtste wat je met iemand in een psychose kan doen, is hem opsluiten in een kale isoleercel.’ Voor Voskes is onveiligheid niet vreemd. In Magazine voor mensenrechten vertelt ze hoe onveilig het kan voelen om te werken op een afdeling, hoe het is om ‘flink gemept’ te worden door een patiënt. ‘Een eerste reactie is dan: ik separeer je. Dat is heel menselijk.’

Voskes pleit voor een andere werkcultuur binnen de GGZ. ,Mensen die in een crisis zitten, hebben vooral aandacht en zorg nodig.’ Een crisis als bijvoorbeeld een psychose is moeilijk te duiden. Volgens psychiater en hoogleraar Psychiatrie Jim van Os weten we eigenlijk heel weinig over wat we psychose noemen. ‘Dat is op zich al heel moeilijk om toe te geven voor de wetenschap, dat we het gewoon niet weten. Wat we wel weten is dat een psychose een periode van grote persoonlijke betekenis is voor de persoon die haar ervaart.’ De maatschappelijk werker die Imke sprak, vergeleek een psychose met een vol huis, waar het dak vanaf gevlogen was. ’ Dit benoemt Imke Gielsing ook in haar boek. ‘’Maar wat moeten we dan met en agressieve patiënt? Of iemand die zo gek is als een deur?’ hoor ik iemand in de psychiatrie al vragen. Mijn antwoord is: zie de mens! We zijn ziek. We voelen ons onveilig en alleen. Geef ons liefdevolle aandacht, maak contact, zorg voor ons, luister naar ons, ook al klinkt wat we te zeggen als wartaal of ronduit onzin.’

TEKST HANNA KATER // FOTO BEELD BEIGE

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *